Chianti Classico is de rode wijn van de heuvels tussen Florence en Siena: helder robijnrood, met kers en viooltje in de geur, fris zuur voorop en een korrelige tannine die droog afloopt. Een wijn die gebouwd is voor de tafel, niet voor het bankstel — en die je herkent aan de zwarte haan op de hals.
In het kort
| Kleur | Helder robijnrood, middeldiep, met de jaren een granaatrand |
| Geur | Rode kers, viooltje, gedroogd kruid, een aardse ondertoon |
| Smaak | Fris zuur voorop, korrelige tannine, sappig en slank |
| Druiven | Sangiovese min. 80%, aangevuld met inheemse rassen of Merlot en Cabernet |
| Streek | De heuvels tussen Florence en Siena |
| Serveertemperatuur | 16–17 °C |
Twee bodems die slecht water vasthouden
De wijngaarden liggen hoog, grofweg tussen 250 en 500 meter: warme dagen rijpen het fruit af, koele nachten houden het zuur overeind.
De bodem heeft twee namen die je in deze streek overal tegenkomt. Galestro is verweerde kleischist, brokkelig en arm; alberese is hard, bleek kalksteen. Allebei houden ze slecht water vast. De wortels moeten diep, de druif blijft klein, en de wijn wordt gespannen in plaats van mollig.
Waarom Sangiovese zo licht van kleur is
Sangiovese is dunschillig en laatrijpend. Dat verklaart bijna alles aan deze wijn: de lichte kleur, de hoge zuren, en de tannine die je meer aan je tandvlees voelt dan op je tong. Je kijkt door een Chianti Classico heen — dat is geen gebrek, dat is de druif.
De oude Toscaanse ingreep om dat te verzachten heet governo all’uso toscano: na de hoofdgisting gaat er most van licht ingedroogde druiven bij, waarna de wijn een tweede keer gist. Ronder, eerder drinkbaar — je komt het vooral bij de gewone Chianti nog tegen.
Annata, Riserva, Gran Selezione
De rijping bepaalt de categorie. De annata, de gewone jaargangwijn, mag pas vanaf 1 oktober na de oogst weg. Riserva vraagt 24 maanden, waarvan drie op fles; Gran Selezione dertig.
Wat je op het etiket ziet
Chianti Classico is sinds 1996 een eigen DOCG en geen onderdeel meer van Chianti. Het herkenningsteken is de gallo nero, de zwarte haan. Het minimale alcoholpercentage loopt op met de categorie: 12% voor annata, 12,5% voor riserva, 13% voor Gran Selezione. Alleen op Gran Selezione mag een UGA staan — een van de elf aanvullende geografische eenheden, zoals Panzano, Radda of Gaiole.
Wat je erbij eet
Ribollita, pici all’aglione, gegrilde salsiccia met witte bonen.
Waarom dat werkt: het zuur in de wijn beantwoordt het zuur van de tomaat en snijdt tegelijk door de olijfolie heen — een brug en een contrast in één slok.
Verder leren
Chianti Classico staat in week 8 van de Opleiding Italiaanse Gastronomie, naast een bord uit dezelfde streek — want keuken en wijn leer je bij ons niet als twee vakken maar als één geheel. Hoe een lesweek eruitziet, staat op de pagina over onze leermethode.
De streek waar hij vandaan komt: Toscane — de wijnen, de gerechten en waarom ze bij elkaar horen.